/
Privacy
05.01.2022
/3 min. leestijd
Massa is kassa!
Dat is niet alleen de goudenregel voor de succesvolle exploitatie van Mark Gilles’ vakantieparken, maar ook voor de exploitatie van de Wet afwikkeling massaschade door investeringsfondsen.
Eerst even kort terug in de tijd. Op 4 december 2019 zijn in het Staatsblad twee Koninklijke Besluiten gepubliceerd op het gebied van collectieve acties. Deze Besluiten bevestigen de inwerkingtredingsdatum van de Wet afwikkeling massaschade in collectieve actie (WAMCA) en de werking van het centraal register voor collectieve vorderingen.
Onder de WAMCA begon de Stichting The Privacy Collective (TPC) op 14 augustus 2020 een zaak voor de rechtbank Amsterdam. Zij verwijt de technologiebedrijven Oracle en Salesforce de privacy van 10 miljoen Nederlandse internetgebruikers te hebben geschonden. Via geavanceerde technologieën verzamelen Oracle en Salesforce continue aanzienlijke hoeveelheden persoonsgegevens van haar softwaregebruikers. Op basis van deze geprofileerde gegevensverzameling worden gepersonaliseerde onlineadvertenties door derden aan internetgebruikers aangeboden via flitsveilingen (Real-Time-Bidding).
Namens haar achterban vordert TPC een schadevergoeding 11 miljard euro. De rechtszaak wordt door Innsworth, onderdeel van Elliot, gefinancierd. Mocht de vordering van TPC slagen, dan strijkt Innsworth tussen de 10-25% procent van het door Oracle en Salesforce uit te keren schadevergoedingsbedrag op. Van elke miljard Euro aan toegewezen schadevergoeding gaat dus minimaal 100 miljoen Euro naar Innsworth, tegenover 100 Euro voor iedere door TPC vertegenwoordigde Internetgebruiker.
Hoewel TPC zegt voor de privacybelangen van haar achterban, de aangesloten Internetgebruiker, op te komen, wordt haar verweten dat zij met deze financieringsconstructie niet in de laatste plaats het belang van haar investeerder, Innsworth, dient. Deze kritiek blijkt terecht nu de rechtbank op 29 december 2021 heeft geoordeeld dat haar achterban te klein en overigens te weinig bepaald is. Onder de WAMCA geldt namelijk als eis dat een claimstichting moet kunnen aantonen voldoende representatief te zijn. TPC kan volgens de rechter niet aantonen dat haar vorderingen voldoende door belanghebbenden worden ondersteund. De 75.000 op haar website achtergelaten “likes” is daarvoor onvoldoende. Ook is niet vastgesteld of de personen die de procedure op deze manier steunen wel behoren tot de kring van benadeelden. Bovendien worden geen contactgegevens geregistreerd, zodat TPC geen contact kan onderhouden met haar achterban, terwijl de wet dat wel vereist.
De rechtbank biedt TPC geen mogelijkheid dit gebrek nog te herstellen, maar verklaart haar, wegens gebrek aan representativiteit, niet-ontvankelijk. Aan een inhoudelijk oordeel over het geschil komt de rechtbank dan ook niet toe.
Ook onder de WAMCA geldt dus als voorwaarde: massa is kassa. Geïnformeerde en identificeerbare massa wel te verstaan.